Bren Heymans & Djo Moembo

Over Bren Heymans & Djo Moembo

Djo Moembo en Bren Heymans ontwikkelen een eigen artistieke praktijk en oeuvre. Sinds hun eerste ontmoeting in 1994 ontwikkelen ze eveneens verschillende gemeenschappelijke projecten. Hun gemengde afkomst is hier niet vreemd aan en hun gemeenschappelijke artistieke interesse ligt in de bevraging, overeenkomsten, verschillen en archetypen, welke in verschillende beeldtalen gebruikt wordt.

Sinds zijn jeugd is Bren Heymans een verzamelaar, opmerkelijk daarbij is dat hij nog steeds artefacten bezit die hij toentertijd bijeenbracht en onverminderd koestert. Voor het Hof van Busleyden selecteert hij uit zijn verzameling een aantal Japanse speelgoedrobotjes en voorouderbeelden uit Indonesië en Afrika. Het concept van de verzameling vormt de hoeksteen van het museale instituut. De integratie van antropomorfe figuurtjes uit de populaire cultuur  en de niet-westerse artistieke traditie, roept essentiële vragen op omtrent bezit, (esthetische, materiële of emotionele) waarde, de westerse bewaarcultuur, het eventueel achterliggend ritueel, traditie en in ruimere zin de materialisatie van de herinnering.  De localisering binnen het museum is weloverwogen: de kleinschalige beeldjes worden in dialoog gebracht met het werk van de Mechelse beeldhouwer Ernest Wijnants (1878-1964).

In de maalstroom van het vroeg 20-ste eeuwse experiment werkte Wijnants op anachronistische wijze verder binnen de figuratieve traditie, met naakte meisjesfiguren als voornaamste onderwerp. Hoewel de klassieke Griekse kunst ontegensprekelijk een inspiratiebron vormt, wordt zijn rijpe stijl vaak als ‘byzantijns’ omschreven. Deze omschrijving wijst op de afstand van de traditionele schoonheidscanon. Zijn inspiratie is effectief veel hybrieder met duidelijk traceerbare Indische en Afrikaanse invloeden wat nog versterkt wordt door de diepbruine tint van het verwerkte hout.

In 2006 startten Heymans en Moembo een intercultureel samenwerkingsproject op onder de noemer ‘Bidontopia’. In dit grensoverschrijdend project staan confrontatie, uitwisseling en synthese van beeldtalen centraal. In hun onderzoek plaatsen beide kunstenaars kolonisatie tegenover science fiction. Praktisch ging het project van start in de Matete-wijk te Kinshasa in de Democratische Republiek Congo. Met computerschetsen van de ideale stad en begrippen als utopie als gespreksonderwerp onstond een dialoog met inwoners, kunstenaars en architecten. Het geheel werd filmisch geregistreerd en leidde niet alleen tot discussies, maar eveneens tot tekeningen en kleischetsen. Een van deze kleiontwerpen is door ebenist Poto Gabriel minitieus in wengehout uitgesneden. Het totale project (we mogen misschien het begrip ‘gesammtkunstwerk’ hanteren of moderner gesteld ‘open source’), loopt  reeds over verschillende jaren en wil een aanzet zijn tot een interculturele dialoog over identiteit, geografie, architectuur en urbanisatie.

Biography

  • ...

Solo exhibitions

  • ...

Group exhibitions (selection)

  • ...