16 january - 18 april 2010
Stedelijk Museum Hof van Busleyden | Mechelen














In mijn kunstzinnig werk dring ik door tot verschillende aspecten van het leven en filter er tussenmenselijke situaties uit via een vooraf bepaald concept. De thematiek en de plaatsen kies ik niet enkel op basis van een subjectieve belangstelling. Het zijn veeleer algemene maatschappelijke fenomenen die ik vanuit een persoonlijk engagement doorlicht. Ik wil namelijk dat de kunstwerken herkenbaar zijn en de snaar van onze tijd raken. Om sterke, grondige beschrijvingen van situaties en plaatsen te maken werk ik vaak met reeksen. Nieuwsgierigheid, de zoektocht naar Euforie en Waarheid alsook het aftasten van mijn grenzen zijn daarbij mijn grote drijfveren.
Ik documenteer mijn werk met behulp van verschillende kanalen en de media, steeds aangepast aan elk afzonderlijk project. Vaak hanteer ik beeldentaal uit visuele gegevens en video-opnamen. Soms teken ik ook, als ik volledig zonder tekst wil werken, zoals bijvoorbeeld in de reeks tekeningen “Meet me there” die in Istanbul tot stand kwam.
Mijn laatste twee projecten waren video’s waarin ikzelf als de hoofdacteur optreed. In Hallo Gumushane bijvoorbeeld reis ik, gekleed in het uniform van een museumsuppoost, met een zitbank uit het museum van Linz (Oostenrijk) naar Gumushane, een provinciestadje in Oost-Anatolië (Turkije) om er de bank aan de burgemeester te overhandigen.
Een aantal van de tentoongestelde werken is tegelijkertijd in het kunsttijdschrift Fleisch gepresenteerd. Zo worden de kunstwerken voor een breder publiek toegankelijk gemaakt en breng ik variatie in hun presentatiewijze. In maart 2009 publiceerde ik mijn debuutroman Ich bin wie Zucker waarin ik over mijn tweejarig verblijf in Istanbul vertel.
De Turken die in Linz wonen komen hoofdzakelijk uit Gumushane, een stadje in Oost-Anatolië. Tijdens een bezoek aan het Lentos Kunstmuseum in Linz was de burgemeester van Gumushane heel enthousiast over het ontwerp van de zitbanken in het museum. Ik heb dit met eigen ogen kunnen vaststellen tijdens dat bezoek van de burgemeester omdat ik er net op die dag aan het werk was als museumsuppoost.
Vanuit die vaststelling besloot ik hem zo’n zitbank uit het museum cadeau te geven en per bus in mijn museumkleding dwars door Turkije te reizen met zo’n museumbank. Deze reis kwam zo in een buitenmaatse, ietwat absurde verhouding tot tijd en ruimte te staan. Mijn uniform liet mij buiten het museum zelfs grotesk schijnen en maakte van mij een kunstfiguur.
Filmproducent Karolina Szmit begeleidde me op deze reis. Zo ontstond een reisverhaal met een fotoreportage, die verscheen in het Oostenrijkse kunsttijdschrift Fleisch en een videomontage van 40 minuten.
Deze tiendelige tekeningenreeks maakte ik tijdens een verblijf in Istanbul. Normaal werk ik conceptueel en filter ik plaatsen en gebeurtenissen. Ik documenteer mijn ervaringen meestal direct door ze neer te schrijven of te filmen. In Istanbul vond ik niet meteen het juiste medium om die resultaten en indrukken vast te leggen. Zo kwam ik er toe weer de tekening als uitdrukkingsmiddel te hanteren. Bovendien beleefde ik er verhalen die eigenlijk geheim, magisch en gecodeerd dienen te blijven. Zo zocht ik in het tekenen naar patronen en motieven die mijn ervaringen weerspiegelden en zette hen, als waren het puzzelstukken, in elkaar. Ik oefende elk motief tot ik het haast blindelings kon reproduceren en er een soort visuele geheimtaal ontstond. In deze tekeningen komt ook stikwerk voor, dat refereert aan de handwerktraditie in Turkije, om de bijzondere plaatsen in de kunstwerken extra te beklemtonen.
De kunstwerken moesten kostbaar, tijdloos en letterlijk tastbaar zijn als een oplichtende, donkere en poëtische benadering van Istanbul.